beschrijving
Activiteiten: Palamos is een heerlijke vakantiebestemming met maar liefst twee havens. In de ene haven kunt u dagelijks heerlijke verse vis kopen, in de andere haven kunt u de mooiste boten en jachten bewonderen. U vindt in en nabij Palamos prachtige stranden en baaien, sommige baaitjes zijn zelfs alleen met een bootje te bereiken. In het centrum van Palamos zijn vele winkels, restaurants en uitgaansmogelijkheden.
faciliteiten
Restaurant / Bar |
Receptie 24 uur | Tuin | Terras | Rookvrije kamers | ||||||||||
| Aangepast Mindervaliden | Lift | Kluisje | Geluiddichte kamers | Verwarming | ||||||||||
| Winkels in het hotel | Airconditioning | Sauna | Fitnessruimte | Golfbaan (binnen 3 km) | ||||||||||
| Solarium | Wellness-centrum | Massage | Jacuzzi | Hiking | ||||||||||
| Turks bad | Minibar | Zwembad Binnen | Zwembad Buiten | Roomservice | ||||||||||
| Vergader-/feestzaal | Business-centrum | Kinderopvang | Ontbijt op de kamer | Excursiebalie | ||||||||||
| Fax / kopieerapparaat | Internet (gratis) | Internet (tegen betaling) | Wasserij / Stomerij | Parkeergelegenheid |
INFORMATIE OVER DE OMGEVING
De vrijwel naar het zuiden gekeerde Baai van Palamós, omzoomd door het brede strand van Sant Antonio de Calonge en een ruime boulevard, eindigt in het oosten bij de haven van het op een schiereiland gelegen Palamós. Afgezien van de opzet van de straatjes, de gotische Santa María del Mar en een paar kanonnen, herinnert niets aan de ommuurde, middeleeuwse havenstad, die Palamós ooit was. De militaire betekenis heeft de stad al lang verloren en de visserij is al eeuwen de traditionele activiteit waar Palamós zijn bekendheid aan ontleent. Met name de rode "gambas de Palamós" is voor menigeen een waar begrip. De vissers verlaten 's morgens vroeg de haven en keren in de namiddag weer terug naar Palamós. Net als in Port de la Selva wordt de vers gevangen vis aansluitend op de visafslag aan de man gebracht en het gebeurt ook op vergelijkbare wijze. De lopende band die de blauwe kratjes met vis langs de kopers voert, vormt daarbij de scheiding tussen de twee werelden, die van de vissers met de afslagklok aan de ene kant en die van de winkeliers, gezeten op de bankjes en met de vinger aan de knop aan de andere kant. In tegenstelling tot de visafslag in El Port de la Selva kunnen particulieren meteen daarna de verse vis in de, binnen het beursgebouw gelegen, viswinkels kopen. Dit alles bij elkaar vormt een bedrijvigheid, met een aan "vers" verbonden urgentie, die het bekijken waard is.
De Costa Brava wordt gekenmerkt door pittoreske dorpen met mooie hotels en pensions, heftige rotsen, mooie stranden, een waanzinnige onderwaterwereld en een heerlijk klimaat. De gehele kuststrook is erg bergachtig door verschillende bergmassieven die tot in de zee lopen en daaraan dankt de kust haar naam: Costa Brava hetgeen betekent “Wilde kust”. Er heerst een mediterraan klimaat. Dat houdt in dat het wisselvalliger, winderiger en ook vochtiger is dan in het deels zeer droge achterland. Aan de Costa Brava zijn zandstranden zeer zeldzaam, eigenlijk zijn de enige twee de stranden in de enorme Golf van Roses en in de Golf van Pals. Maar juist de kleine, door groene pijnbomen omgeven baaitjes verlenen de centrale Costa Brava zijn uitstraling. De stranden bestaan meestal uit grof zand, fijn grind of kiezels. Het water bij deze stranden is vaak buitengewoon helder met een azuurblauwe kleur. Op de plaatsen waar de kust minder ruig en wild is zult u meer kans hebben op bredere en grotere stranden. Veelal wordt de Costa Brava in verband gebracht met massa toerisme, maar dit is slechts op enkele plaatsen het geval. Het merendeel van de Costa Brava, met name het binnenland, bestaat uit mooie en pittoreske dorpjes waar men de aloude Catalaanse cultuur kunt opsnuiven.
Gerona is een gezellige stad met geschiedenis. Deze onbekende stad moet je ooit eens bezocht hebben. De Geronezen zijn aardig, gastvrij maar ook zeer bescheiden en ze beseffen zich dat overdadige propaganda riskant is voor hun imago. Vandaar dat ze geen behoefte hebben aan grote massa’s, dit laten ze liever aan de Barcelonezen over. Zij hebben liever een charmant catalaanse stad met sfeer en gezelligheid, ver weg van de herrie en drukte. Deze gezellige sfeer is vooral te vinden langs de oever van de rivier Onyar die de stad in tweeën deelt. Aan de ene kant het oude rustige historische centrum en aan de andere kant het moderne gedeelte waar de inwoners werken en uitgaan. Gerona is een stad waar je uren kan rondslenteren door de nauwe straatjes, onder arceades en binnen kan stappen ins knusse restaurantjes, tapasbars en café’es. Het charmant van Gerona is dat je niet kan verdwalen is de een wirwar van steegjes en straatjes waar vroeger ambachtslieden waren gevestigd, Gerona is zo klein en knus dat je het meteen in de gaten zou hebben. Een wandeling door het joodse wijk is ook een aanrader, daar woonden zes eeuwen lang een joodse gemeenschap. De joodse cultuur en wetenschap kwamen er tot grote bloei wat nog te zien is in het museum in Carrer de Sant Llorenç, één van de intressante straten van Gerona, de huizen zijn nl. Over de straat het gebouwd. Het joodse wijk Call is de best bewaarde jodenwijken van West-Europa.
Hoog boven het riviertje Fluvià verrijst het silhouet van het buurstadje Besalú, een van de best bewaarde middeleeuwse stadjes van heel Catalonië.
Over de rivier kromt zich een perfect bewaarde romaanse stenen brug uit de 11de eeuw. Opvallend is de hoekige vorm van de brug - zo kon men de pijlers op natuurlijke rotseilandjes in de rivier neerplanten.
La Bisbal d'Empordá is traditioneel een centrum van de pottenbakkers. De hoofdstraat is één aaneenschakeling van keramiekateliers en -winkels.
Interessanter zijn echter Peratallada en Pals. Nog twee perfecte middeleeuwse nesten, waar de tijd vele eeuwen geleden is blijven stilstaan.
Het eerste ontstond rondom het bonkige kasteel van het geslacht Peratallada.
Wie Salvador Dali kent, kent hem waarschijnlijk van zijn Surrealistische schilderijen. Maar hij was een veelzijdig kunstenaar: schilder, ontwerper, cineast en schrijver van briljante teksten. In 1973 werd zijn eigen museum geopend in zijn geboortestad, Figueras, het Dalí-museum waar hij zelfs in begraven ligt (niet toegankelijk voor publiek). Alles wat je hier ziet, komt uit zijn handen en dat zijn niet alleen zijn schilderkunsten. Het gebouw is al indrukwekkend opzich. Bij de bakker kan je terecht voor speciaal Dalí-brood, want de kunstenaar was geobsedeerd door dit voedsel. Toen hij een tentoonstelling in de V.S. had, kwam hij uit het vliegtuig met een brood op zijn hoofd. Het museum van Dalí is eigenlijk wel de grootste activiteit in Figueres. Een standaardplaatsje in Catalonië, veel meer is dit dorp niet.
Maar het is echt de moeite waard om een bezoek af te leggen aan dit museum en eigenlijk moet je dan ook gelijk de andere twee bezichtigen. Op tien minuten rijden van natuurgebied Cap de Creus, een inspiratiebron voor veel van z'n kunstwerken, ligt het vakantieoord Cadaqués. Tijdens zijn jeugd ontdekte Dalí hier de betoverende stranden, baai en de aparte rotskleuren.
De liefde voor deze plaats bleef zijn hele leven. Hier zien ze Dalí bijna als een heilige en je komt hem dan ook overal tegen, van restaurants met zijn naam tot de meest uiteenlopende souvenirs met zijn kop erop. In Port Lligat, het gehucht waar de kunstenaar woonde, doen ze niet mee aan de gekte. Het voormalige huis van Dalí en zijn vrouw Gala, staat gewoon aan de baai in een omgeving vol rotsblokken en stenen.












